leegstandAl jaren staat het hoge kantoorgebouw Metterswane tegenover het centraal station leeg. In sommige ringstraten in de binnenstad vinden we akelig veel borden ‘te huur’. En op veel plekken in de stad ligt braakliggende grond al tijden niets te doen. Tijd om de aanval op leegstand te openen! Binnenkort bespreekt de gemeenteraad van Nijmegen mijn initiatiefvoorstel.

GroenLinks vindt het onwenselijk dat kantoren, winkels, bedrijfspanden leegstaan of er terreinen braakliggen. Het zorgt voor een onaantrekkelijk en soms zelfs onveilig straatbeeld. In straten waar panden leeg staan, heerst anonimiteit en is de kans op verloedering groot. Verhuur door anti-kraakbureaus kan soms helpen maar zorgt tegelijk voor nieuwe problemen. De antikraakbewoners (vaak jonge woningzoekenden) wordt voorgespiegeld dat zij goedkoop en avontuurlijk wonen maar in de praktijk is antikraak een vrijwel rechteloze woonvorm. Leegstaande panden leveren ook nog eens minder gemeentelijke belastingen op. Bovendien gebruiken we de schaarse ruimte in onze stad onverantwoord omdat we, ondanks de leegstand, nog altijd nieuwe kantoren, winkels en bedrijfslocaties ontwikkelen. Tijd om in actie te komen!

De aanpak van leegstand is dus om meerdere redenen belangrijk voor Nijmegen. Zeker omdat we daarmee ook kansen bieden zoals aan werkende jongeren of studenten. Nog altijd is er een groot tekort aan jongerenhuisvesting en omgebouwde winkelpanden of kantoren helpen dit tekort in te lopen. Wat te denken van startende ondernemers? Voor veel van hen is het huren van een bedrijfsruimte een grote stap, vanwege langlopende huurcontracten en hoge prijzen. Ingerichte en opgeknapte bedrijfs- en kantoorpanden bieden ook hen kansen. Dat geldt net zo voor de vele kunstenaars, muzikanten en andere creatieve ondernemers die onze stad kent. Het gebruik van leegstaande ruimte is voor deze groep een uitkomst.

Op 23 februari as. presenteert GroenLinks een aanvalsplan tegen leegstand in de gemeenteraad. We introduceren een aantal voorstellen waarbij we uitgaan van het principe ‘bezint eer ge begint’. We kijken tijdig en zorgvuldig of een vraag naar kantoor-, winkel of bedrijfsruimte past in een bestaand gebouw. Pas wanneer het echt niet anders kan, vindt nieuwbouw plaats. Dat vergt wel een cultuuromslag want in de vastgoedsector ontleent men nog te vaak status aan de opleverfeestjes bij nieuwbouw. Vervolgens is de vraag waar er in de stad leegstand aanwezig is. Ons idee is om een gemeentelijk meldpunt in te richten waar iedereen leegstaande gebouwen en gronden kan melden. Tegelijk biedt dit meldpunt ook de ruimte om ideeën aan te dragen voor een invulling van deze gronden/gebouwen. Zo maken we slim gebruik van alle creativiteit in de stad. Daarbij is het een uitdaging om verschillende sectoren met elkaar te laten samenwerken. De inzet van een gemeentelijke leegstandsbemiddelaar is dan ook gewenst omdat deze persoon initiatieven en gebouwen met elkaar kan verbinden.

Om de transformatie van kantoor- of bedrijfspanden naar woningen mogelijk te maken, kan de gemeente differentiëren in ruimtelijke regelgeving zoals parkeernormen en bestemmingsplanbepalingen. Een mogelijkheid is ook om het ombouwen van oude panden te stimuleren door lagere legestarieven te rekenen. Om het effect van deze stimuleringsmaatregelen zo groot mogelijk te maken, zien wij een leegstandsverordening als een noodzakelijk middel. Daarmee hebben we een stok achter de deur om een bestuurlijke boete op te leggen aan eigenaren wanneer overleg tot niets leidt. We zetten deze verordening heel gericht in voor een select aantal gebieden. GroenLinks beseft dat de gemeente Nijmegen niet de enige is die het probleem kan aanpakken. Van de rijksoverheid kunnen we weinig verwachten, zo biedt de nieuwe wet Kraken en Leegstand ons nauwelijks oplossingen. En de vastgoedmarkt houdt natuurlijk niet op bij de gemeentegrens. Juist daarom is samenwerking met anderen hard nodig. In Nijmegen is het probleem van leegstand nu nog te overzien. Er zijn steden waar veel meer leegstand is. Juist nu we het nog in de hand kunnen houden, moeten we in actie komen. We beseffen ons maar al te goed dat er panden zijn die, ook als er economisch betere tijden aanbreken, niet zomaar meer vol komen. Zelfs niet in onze mooie stad Nijmegen.